Ga naar inhoud

Bijbelse Symbolen

Een encyclopedie van beeldspraak in de Bijbel. Elk symbool verwijst naar diepere geestelijke werkelijkheden die door heel de Schrift heen terugkeren.

/

84 symbolen gevonden

WaterH4325
Natuur
▼

Symbool van reiniging, leven en de Heilige Geest. Water wast zonde weg en geeft nieuw leven, zoals bij de doop.

VuurH784
Natuur
▼

Gods aanwezigheid, loutering en oordeel. Vuur zuivert het onzuivere en verteert het onheilige.

LichtH216
Natuur
▼

Waarheid, goedheid en Gods openbaring. Licht verdrijft duisternis en wijst de weg.

DuisternisH2822
Natuur
▼

Zonde, onwetendheid en scheiding van God. Duisternis staat tegenover het licht van Gods waarheid.

WolkH6051
Natuur
▼

Gods aanwezigheid en leiding. De wolkkolom leidde Israel door de woestijn en bedekte de tabernakel.

RegenboogH7198
Natuur
▼

Gods verbondstrouw en genade. Teken van het verbond met Noach dat God de aarde niet opnieuw door water zal verdelgen. Rond de troon in Openbaring straalt een regenboog als smaragd.

WindH7307
Natuur
▼

De Geest van God (ruach). Wind is onzichtbaar maar krachtig, zoals de werking van de Heilige Geest.

RotsH6697
Natuur
▼

Stevigheid, bescherming en betrouwbaarheid van God. Christus is de geestelijke Rots.

AardeH127
Natuur
▼

De mens (adam van adama) en vergankelijkheid. Tegelijk belofte: de zachtmoedigen zullen het aardrijk beerven.

WoestijnH4057
Natuur
▼

Beproeving, loutering en ontmoeting met God. In de leegte van de woestijn spreekt God tot het hart.

Dieren
▼

Onschuld en offer. Het Lam Gods draagt de zonden van de wereld weg, vervulling van het Paaslam.

LeeuwH738
Dieren
▼

Koninklijke macht en moed. De Leeuw van Juda is een messiaanse titel; tevens beeld van de brullende satan.

DuifH3123
Dieren
▼

Vrede, reinheid en de Heilige Geest. De duif daalde neer bij de doop van Jezus.

SlangH5175
Dieren
▼

Verleiding, list en de satan. De slang in Eden verleidt de mens; de koperen slang in de woestijn wijst vooruit naar Christus.

AdelaarH5404
Dieren
▼

Kracht, vernieuwing en Gods bescherming. Op adelaarsvleugelen draagt God Zijn volk.

Dieren
▼

Overvloed en discipelschap. Jezus roept vissers om mensenvissers te worden.

PaardH5483
Dieren
▼

Oorlog, macht en menselijk vertrouwen. Gods volk moet niet op paarden vertrouwen maar op de HEERE.

HertH354
Dieren
▼

Verlangen naar God en geestelijke dorst. Zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen, zo verlangt de ziel naar God.

WijnstokH1612
Planten
▼

Israel en Christus. Jezus noemt Zichzelf de ware Wijnstok; de ranken moeten in Hem blijven om vrucht te dragen.

VijgenboomH8384
Planten
▼

Vrede, voorspoed en Israel als natie. Een bloeiende vijgenboom betekent herstel; een verdorrende wijst op oordeel.

OlijfboomH2132
Planten
▼

Gods volk, zalving en vruchtbaarheid. De twee olijfbomen in Zacharia symboliseren de gezalfden die voor God staan.

CederH730
Planten
▼

Majesteit, kracht en duurzaamheid. Ceders van de Libanon staan voor koninklijke grootheid.

HysopH231
Planten
▼

Reiniging en nederigheid. Hysop werd gebruikt bij de reiniging van melaatsheid en bij het Pascha.

TarweH2406
Planten
▼

Vruchtbaarheid, het Woord van God en de gelovigen. De tarwekorrel moet sterven om veel vrucht voort te brengen.

DoornH6975
Planten
▼

Vloek, zonde en lijden. Doornen kwamen na de zondeval; de doornenkroon op Jezus' hoofd droeg de vloek.

MosterdzaadG4615
Planten
▼

Klein begin met grote uitwerking. Het kleinste zaad groeit uit tot een grote boom — beeld van het Koninkrijk Gods.

ZwaardH2719
Voorwerpen
▼

Gods Woord is het zwaard van de Geest. Het tweesnijdend scherp zwaard scheidt ziel en geest, merg en been — waarheid van leugen, oordeel en geestelijke strijd.

KroonH5850
Voorwerpen
▼

Koninklijke autoriteit, overwinning en eeuwige beloning. Gelovigen ontvangen een onverwelkelijke kroon.

TroonH3678
Voorwerpen
▼

Gods soevereiniteit en heerschappij. De troon in de hemel is het centrum van alle gezag.

BazuinH7782
Voorwerpen
▼

Gods roepstem, oorlogsverklaring en de aankondiging van het einde. De laatste bazuin kondigt de opstanding aan.

ZegelH2368
Voorwerpen
▼

Autoriteit, eigendom en verzegeling. Gods Geest verzegelt de gelovigen als eigendom; het boek met zeven zegels bevat Gods raadsplan.

BoekrolH4039
Voorwerpen
▼

Gods Woord en raadsplan. De boekrol bevat het geopenbaarde woord en het verborgen plan van God.

SleutelG2807
Voorwerpen
▼

Autoriteit om te openen en te sluiten. De sleutels van het Koninkrijk en de sleutels van dood en hades.

Voorwerpen
▼

Onderwerping, dienstbaarheid en verbinding. Jezus’ juk is zacht en Zijn last is licht. Ongelijk juk: niet verbonden met ongelovigen.

Voorwerpen
▼

Het vangen van mensen — zowel de evangelieverkondiging als de val van de goddelozen.

ParelG3135
Voorwerpen
▼

Onschatbare waarde van het Koninkrijk der hemelen. De koopman verkoopt alles voor die ene parel.

LampH5216
Voorwerpen
▼

Gods Woord als leidraad en geestelijke waakzaamheid. De lampen van de wijze maagden brandden.

BekerH3563
Voorwerpen
▼

Gods lot — zegen of oordeel. De beker van het Nieuwe Verbond bevat het bloed van Christus.

SchildH4043
Voorwerpen
▼

Gods bescherming en het geloof. Het schild des geloofs blust alle vurige pijlen van de boze.

Wit
Kleuren
▼

Reinheid, heiligheid en overwinning. De witte klederen van de heiligen zijn gewassen in het bloed van het Lam.

ScharlakenH8144
Kleuren
▼

Zonde en koninklijk vermogen. Al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw. Scharlaken kleedde zowel de hogepriester als de spotmantel van Jezus. De scharlakenrode draad van Rachab.

PurperH713
Kleuren
▼

Koninklijke waardigheid en rijkdom. De rijke man droeg purper en fijn linnen. Jezus werd een purperen mantel omgedaan als spot-koning. Purper was kostbaar en werd gedragen door koningen.

Blauw (techelet)H8504
Kleuren
▼

Hemelse oorsprong en gehoorzaamheid aan Gods geboden. De blauwe draad in de tzitzit herinnert aan alle geboden.

GoudH2091
Materialen
▼

Goddelijke natuur, geloof dat beproefd is, en hemelse heerlijkheid. De straten van het Nieuw Jeruzalem zijn van goud.

ZilverH3701
Materialen
▼

Verlossing, loskoping en gelouterd woord. De prijs van een slaaf en de dertig zilverlingen voor de verrading.

BronsH5178
Materialen
▼

Oordeel en standvastigheid. Het koperen altaar stond voor verzoening door oordeel; de voeten van Christus als blinkend koper.

IJzerH1270
Materialen
▼

Kracht, hardheid en onderdrukking. De ijzeren staf van de Messias regeert de volken.

OlieH8081
Materialen
▼

De Heilige Geest, zalving en genezing. Olie werd uitgegoten over koningen, priesters en profeten.

ZoutH4417
Materialen
▼

Verbond, bewaring en smaak. Gelovigen zijn het zout der aarde; een zoutverbond is onverbrekelijk.

WierookH7004
Materialen
▼

Gebed en aanbidding. De oprijzende rook symboliseert gebeden die opstijgen naar Gods troon.

MirreH4753
Materialen
▼

Lijden, dood en begraving. Mirre werd bij de geboorte en de begrafenis van Jezus geschonken.

Fijn linnenH906
Materialen
▼

Gerechtigheid en reinheid van de heiligen. De bruid van het Lam draagt blinkend fijn lijnwaad.

ZuurdesemH7603
Materialen
▼

Zonde en verdorvenheid die zich ongemerkt verspreidt. Maar ook de doorwerking van het Koninkrijk in positieve zin.

BloedH1818
Lichaam
▼

Leven, verzoening en het Nieuwe Verbond. Zonder bloedstorting is er geen vergeving.

HandH3027
Lichaam
▼

Kracht, autoriteit en zegen. Gods rechterhand is verheven; handoplegging draagt zegen en gezag over.

Lichaam
▼

Het oog is de lamp van het lichaam. Een goed oog = vrijgevigheid; een boos oog = hebzucht. Gods ogen doorlopen de hele aarde — inzicht, waakzaamheid en Gods alziend oog.

HartH3820
Lichaam
▼

Het binnenste van de mens: wil, verstand en emotie. God kijkt naar het hart, niet naar het uiterlijk.

HoornH7161
Lichaam
▼

Kracht, koninklijke macht en verlossing. De hoorn van het heil wijst op de Messias.

TempelH1964
Bouwwerken
▼

Gods woonplaats bij de mens. Het lichaam van de gelovige is een tempel van de Heilige Geest.

AltaarH4196
Bouwwerken
▼

Ontmoetingsplaats met God door offer. Op het altaar wordt het offer gebracht dat verzoening doet.

PoortH8179
Bouwwerken
▼

Toegang, rechtspraak en geestelijke autoriteit. De oudsten zaten in de poort. Jezus is de Deur; de poorten der hel zullen de gemeente niet overweldigen.

HoeksteenH6438
Bouwwerken
▼

Christus als fundament en sluitsteen van Gods bouwwerk. De steen die de bouwlieden verwierpen.

Pilaar / ZuilH5982
Bouwwerken
▼

Vastheid, fundament en steun. Jakin en Boaz stonden bij de tempel; de gemeente is pilaar en vastigheid der waarheid. De wolkkolom als pilaar van Gods tegenwoordigheid.

BronH4726
Bouwwerken
▼

Leven, wijsheid en de Heilige Geest. Een bron van levend water stroomt uit het binnenste van de gelovige.

Bouwwerken
▼

Levenswandel en gehoorzaamheid. Christus is de Weg, de Waarheid en het Leven.

TorenH4026
Bouwwerken
▼

Bescherming, overzicht en menselijke hoogmoed. De toren van Babel staat tegenover de vaste toren van Gods Naam.

BroodH3899
Voorwerpen
▼

Levensonderhoud en het Woord van God. Jezus is het Brood des Levens dat uit de hemel is neergedaald.

WijnH3196
Voorwerpen
▼

Vreugde, het Nieuwe Verbond en Gods toorn. De wijn van het avondmaal is het bloed van het verbond.

ZaadH2233
Planten
▼

Het Woord van God en nageslacht. Het zaad valt in de aarde en brengt veelvoudige vrucht voort.

OogstH7105
Natuur
▼

Het einde der tijden, oordeel en de inzameling van gelovigen. De oogst is groot, maar de arbeiders zijn weinigen.

EerstelingenH1061
Voorwerpen
▼

Het eerste en beste voor God. Christus is de Eersteling van hen die ontslapen zijn.

SchatG2344
Voorwerpen
▼

Het Koninkrijk der hemelen en geestelijke rijkdom. Verzamel schatten in de hemel, niet op aarde.

HerderH7462
Voorwerpen
▼

Leiderschap, zorg en bescherming. De HEERE is mijn Herder; Jezus is de goede Herder die Zijn leven geeft.

AnkerG45
Voorwerpen
▼

Hoop als anker der ziel — vast en onbewegelijk, reikend tot achter het voorhangsel waar Jezus als Voorloper is binnengegaan.

SpiegelG2072
Voorwerpen
▼

De wet als spiegel: wie hoort maar niet doet, is als iemand die zijn gezicht in een spiegel beziet en weggaat.

Fakkel / ToortsH3940
Voorwerpen
▼

Goddelijke openbaring en leiding. Tussen de stukken van Abrahams verbondsoffer ging een vurige fakkel door. De wijze maagden hadden brandende fakkels.

RegenH4306
Natuur
▼

Zegen, leer en de uitstorting van de Heilige Geest. De vroege en late regen zijn nodig voor de oogst — beeld van geestelijke vernieuwing.

DonderH6963
Natuur
▼

Gods stem en oordeel. Bij de Sinaï donderde het. De zeven donderslagen in Openbaring spraken met verzegelde woorden.

DauwH2919
Natuur
▼

Stille, verfrissende zegen. De dauw van Hermon daalt neer op Sions bergen — waar de HEERE de zegen gebiedt.

TongG1100
Lichaam
▼

Macht van het woord. De tong is een klein lid maar richt groot kwaad aan. Dood en leven zijn in de macht der tong.

VoetG4228
Lichaam
▼

Wandel en levenswandel. De voeten geschoeid met de bereidheid van het evangelie. Hoe lieflijk zijn de voeten van de vredebode.

MuurH2346
Bouwwerken
▼

Bescherming en afscheiding. De muren van Jeruzalem als veiligheid; de muur van vijandschap die Christus heeft afgebroken.

LelieG2918
Planten
▼

Schoonheid zonder menselijke inspanning. Zelfs Salomo was niet bekleed als een van deze. De geliefde weidt onder de leliën.

WijnpersH1660
Voorwerpen
▼

Oordeel en lijden. De wijnpers van Gods toorn in Openbaring. Jezus trad de pers alleen — niemand hielp Hem.